De Brauw-partner De Keijzer berispt om nalatigheid in NS-onderzoek

De Brauw Blackstone Westbroek-partner Jaap de Keijzer is maandag berispt door de Raad van Discipline Amsterdam wegens nalatigheid in een intern onderzoek naar de rol van de NS – zijn cliënt – in een openbaar vervoer-aanbesteding in Limburg. Een betrokken klager verweet De Keijzer en zijn kantoor bovendien dubbele petten te hebben gedragen in deze affaire, maar hiervan is volgens de raad geen sprake.

De Keijzer moest zich voor de tuchtrechter verantwoorden na een klacht van voormalig Veolia-directeur René de Beer en een dekenbezwaar van de Amsterdamse deken Pieter van Regteren Altena. De Keijzer had de leiding over een bedrijfsonderzoek bij de NS, gehouden in opdracht van het spoorbedrijf zelf. De resultaten werden op 28 april 2015 gepubliceerd. Te snel en onvolledig, concludeert de Raad van Discipline maandag 18 december.

Het onderzoek van De Brauw wees uit dat de NS had ‘valsgespeeld’ bij de aanbesteding van de OV-concessie in Limburg. NS-dochter Qbuzz huurde in het geniep regiodirecteur De Beer van concurrent Veolia in om kennis van de tegenpartij te vergaren en zo de concessie binnen te kunnen halen. Later deed de NS-directie opnieuw een beroep op De Brauw toen mededingingsautoriteit ACM een onderzoek instelde naar deze affaire. Ook stond De Brauw NS bij in de ontslagzaken als gevolg van het onderzoek, onder meer rond het ontslag van voormalig topman Timo Huges als gevolg van de kwestie.

Dat achteraf bleek dat NS-topman Huges zich met interviews door De Keijzer met Qbuzz-bestuurders had bemoeid en zich niet aan andere afspraken had gehouden, valt de De Brauw-advocaat niet tuchtrechtelijk aan te rekenen, aldus de tuchtraad. De raad kan ook niet vaststellen dat de advocaat onvoldoende afstand tot het NS-bestuur bewaarde, zoals een van de verwijten van de deken luidde.

Hoor en wederhoor
Wel concludeert de tuchtrechter dat De Keijzer als eindverantwoordelijke niet zorgvuldig genoeg heeft gehandeld. Zo had hij onder meer nader hoor- en wederhoor moeten toepassen bij Veolia-regiodirecteur De Beer. ‘Dat medewerker X (De Beer, red.) niet bij NS in dienst was en verweerder geen concrete opdracht had om hem te horen, maakt dit niet anders omdat een advocaat steeds ook een eigen verantwoordelijkheid heeft,’ aldus de Raad van Discipline. 

Bovendien kregen de drie betrokken Qbuzz-bestuurders pas de dag voor publicatie van het onderzoeksrapport de kans om te reageren op hun interviewverslagen. Dat was te gehaast, vindt de raad: zij hadden meer tijd moeten krijgen en het lag bovendien op de weg van De Keijzer om hen nader te bevragen. Inmiddels was namelijk duidelijk dat de Qbuzz-bestuurders door Huges waren geïnstrueerd en niet alles hadden verteld over de betrokkenheid van de NS-top bij de onregelmatigheden. Zij waren later bereid dit alsnog te doen.

De Keijzer had meer druk moeten uitoefenen op de NS-directie om de publicatie van het rapport op 28 april uit te stellen wegens onvolledigheid, zeker nadat ook de ACM had geconstateerd dat meer NS-medewerkers op de hoogte waren geweest van de onregelmatigheden. Bovendien had De Keijzer de Veolia-directeur nader moeten betrekken bij het onderzoek, ook al was hij niet direct in dienst van zijn cliënt, de NS. ‘Verweerder heeft klager voor publicatie niet de gelegenheid geboden zijn kant van het verhaal te belichten en de in het rapport 28/4 genoemde van klager afkomstige e-mails toe te lichten. Onder deze omstandigheden moet worden geoordeeld dat verweerder de belangen van klager nodeloos en op ontoelaatbare wijze heeft geschaad’.

Geen belangenconflicten
Dit alles wil echter niet zeggen dat De Keijzer en zijn kantoor mogelijke belangenconflicten in hun optreden voor de NS uit het oog zijn verloren, aldus de Raad van Discipline. Die verklaart de klacht van ex-regiodirecteur De Beer over de vermeende dubbele petten ongegrond. ‘Dat zou mogelijk anders zijn geweest als verweerder […] vertrouwelijke gegevens van klager had ontvangen, maar daarvan is niet gebleken. Ook van de omstandigheid dat een kantoorgenoot de arbeidsrechtelijke zaak tegen klager heeft behandeld die voortvloeide uit het rapport 28/4 valt verweerder geen tuchtrechtelijk verwijt te maken’. 

Desondanks wijzigde De Brauw Blackstone Westbroek enkele procedures rond interne bedrijfsonderzoeken naar aanleiding van deze affaire. Zo werkt het kantoor niet meer mee aan de publicatie van zijn onderzoeksrapporten voor publieke verantwoording en zal De Brauw geen arbeidszaken meer behandelen die voortkomen uit dergelijke onderzoeken die door het kantoor zijn uitgevoerd, zo zei voormalig managing partner Martijn Snoep eind 2015.

Klik hier voor de uitspraken

Update 21/12: ex-NS-topman Timo Huges, voormalig Veolia-directeur René de Beer en vier andere verdachten in de NS-affaire zijn op 21 december  allen vrijgesproken van omkoping en valsheid in geschrifte. Het OM had onder meer celstraffen tot een jaar geëist.

 

    | Mail de redactie | Print