Kantoren, specialisatieverenigingen, de Nederlandse orde van advocaten en de lokale dekens hebben gereageerd op het wetsvoorstel voor een landelijke Onafhankelijk Toezichthouder Advocatuur. De standpunten variëren van harde afwijzing tot steun onder voorwaarden.
Een groep van tientallen kantoren, meerdere specialisatieverenigingen en de Vereniging Sociale Advocatuur Nederland laat in een consultatie reactie weten weinig heil te zien in het huidige plan. Ze vinden niet aangetoond wat de nieuwe toezichthouder toevoegt aan het bestaande systeem, waarin met de Landelijke Organisatie Toezicht Advocatuur (LOTA) al veel is geïnvesteerd in centralisatie en professionalisering. Staatssecretaris Van Bruggen maakt volgens hen niet duidelijk welk probleem er eigenlijk nog opgelost moet worden, terwijl haar voorstel wel de rol van de dekens als toezichthouder volledig wegneemt en de LOTA in de praktijk overbodig maakt. De groep zou liever zien dat wordt voortgebouwd op het huidige stelsel dan dat het in één keer wordt opgedoekt.
Zorgen over kosten en onafhankelijkheid
Ook de invulling van het nieuwe college van toezicht stuit op weerstand. Omdat de leden door de Kroon worden aangesteld en advocaat-zijn geen vereiste is, ontstaat volgens de kantoren en verenigingen een te grote invloed van buitenstaanders, terwijl juist voldoende afstand van de overheid nodig is om onafhankelijkheid te garanderen. Verder vrezen zij hoge kosten die vooral kleine en sociale advocatenpraktijken zwaar zullen treffen. Daarnaast botst het voorstel om toezicht en klachtbehandeling apart te organiseren met een eerder aangenomen Kamermotie, die vraagt om dit juist te combineren.
De NOvA staat wel achter het idee van één landelijke, onafhankelijke toezichthouder binnen de eigen organisatie, maar wil dat de wetgever op een aantal punten bijstuurt. Zo zou er een echte raad van toezicht moeten komen met wettelijk vastgelegde taken, zou het bestuur kleiner mogen (drie leden in plaats van vijf) en zou het toezicht proportioneler en beter onderbouwd qua kosten moeten worden, inclusief een meerjarige begroting. Ook moet volgens de NOvA wettelijk worden vastgelegd hoe geheimhouding en het verschoningsrecht beschermd blijven, en zou niet alleen de individuele advocaat maar ook het kantoor zelf verantwoordelijk moeten kunnen worden gehouden.
Dekens willen OTA los van NOvA
De twaalf dekens onderschrijven de komst van de toezichthouder evenmin onvoorwaardelijk. Zij willen dat de OTA niet binnen de NOvA wordt geplaatst, maar als een eigen, losstaande organisatie naast de NOvA en de regionale orden functioneert. Zo blijft er volgens hen een duidelijk onderscheid tussen de onafhankelijkheid van de advocatuur ten opzichte van de overheid, en de onafhankelijkheid van het toezicht ten opzichte van de beroepsgroep zelf. Net als de NOvA vinden de dekens een bestuur van vijf personen te zwaar opgetuigd, en pleiten zij ervoor de vernieuwing van de klachtenprocedure gelijk mee te nemen bij de oprichting van de OTA.
Bron:
Advocatenblad
NOvA








