Een notaris is door de Kamer voor het notariaat in Den Haag voor één week geschorst wegens schending van zijn geheimhoudingsplicht en onzorgvuldig declareren. De notaris betrok zonder toestemming de accountant van een cliënt bij een financieel geschil.
De zaak draait om een geschil tussen een notaris en een ondernemer die een couturebedrijf exploiteert. De twee kenden elkaar al jaren en hadden naast hun zakelijke contacten een vriendschappelijke band. In februari 2024 richtte de notaris voor de ondernemer een holding en een werkmaatschappij op.
Voor deze werkzaamheden ontving de ondernemer een declaratie van 3.058,81 euro. Hij betwistte de hoogte daarvan, waarna de notaris het bedrag verlaagde tot 2.385,44 euro. De ondernemer verrekende dit vervolgens met een openstaande factuur voor kledingwerkzaamheden die hij voor de notaris had verricht.
Accountant betrokken bij conflict
De notaris verzette zich tegen de verrekening en stuurde een e-mail aan de ondernemer, met diens accountant in de cc. Volgens de tuchtrechter bestond daarvoor geen rechtvaardiging. De notaris had geen toestemming gekregen om vertrouwelijke informatie over het geschil met de accountant te delen.
Dat de accountant zelf ook een geheimhoudingsplicht had, maakte volgens de kamer geen verschil. Ook kon de notaris zich niet beroepen op zijn algemene voorwaarden, waarin stond dat hij met derden mocht overleggen.
De kamer oordeelt dat de notaris zijn beroepsgeheim heeft geschonden en vertrouwelijke informatie als drukmiddel heeft ingezet om zijn eigen financiële belangen te behartigen.
Onzorgvuldig declareren
Ook de declaratie kon de toets van de tuchtrechter niet doorstaan. De notaris had onder meer twee uur reistijd in rekening gebracht voor een bezoek dat hij op eigen initiatief met zijn gezin aan de kledingzaak had gebracht. Ook de overige gedeclareerde uren voor dat bezoek achtte de kamer ongeloofwaardig.
Daarnaast had de notaris onvoldoende duidelijkheid gegeven over de te verwachten kosten. De door hem overgelegde opdrachtbevestiging vermeldde geen concreet uurtarief of kostenindicatie.
De kamer benadrukt dat de notaris op zichzelf wel gerechtigd was zijn declaratie via een civiele procedure te incasseren. De rechtbank Amsterdam had de holding eerder al tot betaling veroordeeld.
De tuchtrechter rekent de notaris vooral aan dat hij zijn geheimhoudingsplicht schond, privé- en zakelijke belangen onvoldoende scheidde en geen inzicht toonde in de laakbaarheid van zijn handelen. Daarbij weegt mee dat hem eerder meerdere tuchtrechtelijke maatregelen waren opgelegd.
De klacht is gegrond verklaard en de notaris krijgt een schorsing van één week opgelegd.











