De uitbreiding van slachtofferrechten in het nieuwe Wetboek van Strafvordering kan volgens het Openbaar Ministerie leiden tot duizenden extra schorsingen van strafzittingen. Ook vraagt het OM om verduidelijking van de nieuwe regels rond het verschoningsrecht van advocaten. Dat blijkt uit een advies van het College van procureurs-generaal over de Tweede Aanvullingswet.
In het op 16 oktober gepubliceerde advies reageert het College op verschillende onderdelen van het nieuwe Wetboek van Strafvordering. Vooral de voorgestelde versterking van slachtofferrechten roept bezwaren op. Volgens het OM dreigt het strafproces hierdoor complexer en langduriger te worden, terwijl de beschikbare capaciteit binnen de strafrechtsketen al onder druk staat.
Een belangrijk kritiekpunt betreft het voorstel om strafzittingen in beginsel te schorsen wanneer een slachtoffer dat om oproeping heeft verzocht niet verschijnt. Het OM verwacht dat hierdoor meer zittingen moeten worden uitgesteld.
Op basis van een berekening met aannames komt het College uit op minimaal 19.450 extra schorsingen per jaar. Dat zou naar schatting elf extra voltijdsfuncties voor officieren van justitie en vier voor administratieve medewerkers vergen.
Het College verzoekt de minister daarom af te zien van de voorgestelde regeling rond de aanwezigheid van slachtoffers op zittingen. Ook is het kritisch op een financiële uitkering bij niet-naleving van slachtofferrechten, vanwege de verwachte uitvoeringskosten.
Grotere rol OM bij verschoningsrecht
Over de voorgestelde wijzigingen rond het functioneel verschoningsrecht is het OM positiever. De nieuwe regeling maakt het mogelijk dat de voorselectie van mogelijk vertrouwelijke gegevens vaker onder leiding van de officier van justitie plaatsvindt.
De rechter-commissaris blijft bevoegd te beoordelen of opsporingsinstanties kennis mogen nemen van gegevens die vermoedelijk onder het verschoningsrecht vallen.
Volgens het College veroorzaken de huidige filterprocedures aanzienlijke vertragingen. WODC-onderzoek laat zien dat de filtering gemiddeld 211 dagen duurt, gevolgd door gemiddeld 200 dagen voor beklagprocedures.
Het OM wil daarnaast dat advocaten en andere geheimhouders vertrouwelijke communicatie beter herkenbaar maken, bijvoorbeeld via specifieke communicatieportalen. Het College stelt voor de gedeelde verantwoordelijkheid van overheid en geheimhouders explicieter in de wet vast te leggen.
Ook waarschuwt het OM dat audiovisuele opnamen met verkorte processen-verbaal extra werk kunnen veroorzaken voor advocaten en andere procesdeelnemers.







