Rotterdams strafpleiter Haroon Raza ziet toch af van het bijstaan van Ridouan Taghi in het hoger beroep van het Marengo-proces. Taghi zit daarmee al bijna een jaar zonder advocaat.
Nog geen anderhalve week geleden werd bekend dat Raza zich beschikbaar had gesteld als advocaat van Taghi, nadat portefeuillehouders strafrecht van het dekenberaad in interne memo’s hadden laten weten dat er een advocaat bereid was om, samen met vier andere advocaten, de verdediging op zich te nemen. Inmiddels heeft Raza zich alweer teruggetrokken. Volgens Nu.nl wil hij zelf geen toelichting geven op zijn beslissing. Volgens ingewijden spelen persoonlijke motieven in de gezondheidssfeer daarbij een rol.
Impasse in hoger beroep
Het hoger beroep van het Marengo-proces bevindt zich al langere tijd in een impasse. Taghi, die tot levenslang is veroordeeld, zit momenteel zonder raadsman in de liquidatiezaak. Zijn vorige advocaat, Vito Shukrula, werd vorig jaar april aangehouden op verdenking van het doorsluizen van berichten vanuit de gevangenis. Het is niet de eerste keer dat een advocaat van Taghi daarvan wordt verdacht.
Het dekenberaad, het orgaan dat de zoektocht naar nieuwe advocaten regelt, heeft daarom strikte voorwaarden verbonden aan het bijstaan van Taghi en zoekt al geruime tijd naar geschikte raadslieden. Voor 8 mei moet er duidelijkheid zijn over de verdediging. Naar aanleiding van de eerdere beschikbaarheid van Raza zouden zich meer advocaten hebben gemeld die, in teamverband, de verdediging op zich zouden willen nemen. Wat de huidige status is, is niet bekend.
Ervaren strafpleiter met activistische rol
Raza is een ervaren strafpleiter die al ruim twintig jaar in het vak zit. Hij stond eerder Youssef Taghi bij na diens arrestatie in 2021. Youssef Taghi fungeerde als doorgeefluik tussen zijn neef Ridouan en de buitenwereld. Een jaar later legde Raza samen met een collega die verdediging neer.
Raza staat ook bekend om zijn activistische opstelling, onder meer voor het lot van de Palestijnen in de Gazastrook. In 2024 ontving hij een berisping van de Raad van Discipline nadat hij op sociale media aangifte had gedaan tegen een Nederlander op de Westelijke Jordaanoever, inclusief diens volledige naam. De Raad van Discipline beschouwde dit als een schending van de privacy.





