Een notaris uit Enschede heeft van de tuchtrechter een waarschuwing gekregen vanwege zijn betrokkenheid bij de wijziging van het testament van zijn schoonmoeder. Volgens de tuchtrechter had hij vanwege zijn familierelatie geen rol mogen spelen bij de voorbereiding van de testamentwijziging.
De Kamer voor het notariaat heeft een notaris uit Enschede een waarschuwing opgelegd vanwege zijn betrokkenheid bij de wijziging van het testament van zijn schoonmoeder, zo bericht het AD. De zaak hangt samen met een eerdere tuchtprocedure waarin een kantoorgenoot al voor twee weken werd geschorst wegens onvoldoende onderzoek naar de wilsbekwaamheid van de testatrice.
Onafhankelijkheid in het geding
De weduwe werd in februari 2023 met spoed opgenomen in het ziekenhuis vanwege ernstige longklachten. Tijdens haar opname verzochten haar dochter en schoonzoon, die tevens notaris is, om haar testament uit 2011 met spoed te wijzigen. Het gewijzigde testament werd in het ziekenhuis ondertekend. Daarin werd bepaald dat het erfdeel van haar zoon, die kampt met verslavingsproblematiek, onder bewind zou worden gesteld. Een van haar dochters werd als bewindvoerder aangewezen.
Volgens de tuchtrechter had de notaris zich vanwege zijn familierelatie volledig moeten onthouden van iedere betrokkenheid bij de voorbereiding van de testamentwijziging. In plaats daarvan liet hij de werkzaamheden uitvoeren binnen zijn eigen kantoor, op een afdeling waarvoor hij verantwoordelijk was, en verrichtte hij zelf nog een beperkte controle. Daarmee handelde hij volgens de Kamer voor het notariaat onvoldoende onafhankelijk.
Eerdere tuchtmaatregel
De uitspraak volgt op een eerdere tuchtzaak over hetzelfde testament. In mei 2025 kreeg de behandelend notaris een schorsing van twee weken opgelegd omdat hij onvoldoende onderzoek had gedaan naar de wilsbekwaamheid van de vrouw op het moment van ondertekening.
Enkele maanden na haar ziekenhuisopname verklaarde de weduwe dat zij zich niets meer kon herinneren van de testamentwijziging. In een brief aan de notaris stelde zij dat de inhoud niet overeenkwam met haar wensen en dat zij zichzelf tijdens de opname niet wilsbekwaam achtte. Drie van haar dochters verklaarden daarentegen dat zij de beslissing bewust had genomen.
Na het overlijden van de vrouw begin 2024 dienden haar zoon en kleinzoon opnieuw een tuchtklacht in, ditmaal tegen de schoonzoon. Alleen de klacht van de zoon werd inhoudelijk behandeld; de kleinzoon werd niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een rechtstreeks persoonlijk belang.
Naast de waarschuwing moet de notaris 2.000 euro aan proceskosten betalen, evenals 50 euro aan de klager. De afwikkeling van de nalatenschap loopt nog. Hiervoor is inmiddels een vervangend executeur benoemd.





