De maritieme kamer van de rechtbank Rotterdam heeft de handleiding beperkingszaken per 1 oktober 2026 aangepast. Fondsstelling door storting op een bankrekening is niet langer mogelijk en de werkwijze rond de consignatiekas is gewijzigd.
De handleiding vult het landelijk procesreglement verzoekschriftprocedures aan voor procedures tot beperking van aansprakelijkheid ter zake van een schip. De definitieve versie dateert van 21 juni 2022 en vond haar oorsprong in een professionele ontmoeting van de maritieme kamer met advocaten uit de maritieme praktijk. Per 1 oktober 2026 zijn wijzigingen doorgevoerd in verband met wijzigingen in het procesreglement verzoekschriften, de werkwijze van de consignatiekas en het vervallen van de mogelijkheid om fonds te stellen door het storten op een bankrekening.
Het doel van de handleiding blijft ongewijzigd: meer duidelijkheid verschaffen over de gang van zaken tijdens de verschillende fases van beperkingsprocedures, zodat meer maatwerk mogelijk is en de behandeling zo efficiënt mogelijk kan plaatsvinden.
Nog twee manieren van fondsstelling
Waar het verzoekschrift een voorstel moet bevatten voor de wijze van fondsstelling, kan verzoeker nu nog kiezen uit twee opties: storting in de consignatiekas of afgifte van een garantie van een bank of verzekeringsmaatschappij, zoals een P&I Club. Deze keuze wordt ook tijdens de mondelinge behandeling besproken. In de beschikking op grond van artikel 642c Rv beveelt de rechtbank dat fonds wordt gesteld via een van deze twee routes. Verzoeker moet uiterlijk binnen een maand na de beschikkingsdatum fonds stellen; zo nodig kan deze termijn met maximaal een maand worden verlengd.
Bij een garantie geeft verzoeker de originele garantie in bewaring bij de rechtbank. Na afwikkeling van het fonds krijgt verzoeker die terug, of kan hij verzoeken om vernietiging ervan.
Nieuwe stappen bij de consignatiekas
De handleiding beschrijft nu uitgebreid de gebruikelijke gang van zaken bij storting in de consignatiekas. Bij afgifte van de beschikking informeert de rechtbank verzoeker over hoe de aanvraag bij de consignatiekas kan worden ingediend. Verzoeker dient die aanvraag in en wacht tot de consignatiekas groen licht geeft voor storting. Vervolgens deelt verzoeker het te storten bedrag in euro’s en de voorgenomen stortingsdatum per e-mail mee aan de behandelend griffier. De rechtbank verifieert dat bedrag, zo nodig na overleg met de vereffenaar, en geeft daarna akkoord voor storting.
Na storting stuurt verzoeker zo snel mogelijk een afschrift van het consignatiebewijs aan de rechtbank, die controleert of voldoende is gestort en of er een surplus is. Een eventueel surplus wordt als uitgangspunt aan het einde van de procedure teruggestort aan de partij die de storting heeft gedaan. Is voldoende gestort, dan geeft de rechtbank de verklaring ex artikel 642c lid 6 Rv af, waarna de aansprakelijkheid voorshands is beperkt en de verificatiefase begint.
Ook voor de uitdelingsfase bevat de handleiding een aandachtspunt. De eisen die de consignatiekas aan uitkeringsverzoeken stelt, kunnen van tijd tot tijd verschillen, en uitkering uit de consignatiekas blijkt in de praktijk de nodige voeten in de aarde te hebben. Betrokkenen doen er daarom goed aan zich tijdig voor te bereiden op de documentatie-eisen van de consignatiekas. Lees hier de nieuwe handleiding.












