Marijn schrijft deze maand over de spraakverwarring rond legal AI die hij regelmatig ziet. Zelfs doorgewinterde vakgenoten weten vaak niet goed waar ze het over hebben als er verschillende juridische AI tools besproken worden. In ‘Waar hebben we het eigenlijk over?’ zet hij vier categorieën AI op een rij, en verklapt hij welke keuze zijn eigen netwerk uiteindelijk maakte.
Vorige week zat ik in een open call over het samen inkopen van juridische AI-tools met een groep juristen en advocaten uit het WeLegal Netwerk dat ik coördineer. Maar al heel snel bleek dat we het heel vaak niet over hetzelfde hadden. Allerlei merknamen van legal AI-tools vlogen door het gesprek. De een dacht aan een soort juridisch assistent voor juridische vragen, de ander verwacht een tool die contracten vergelijkt met playbooks, iemand zag perfecte drafts van contracten voor zich en nog iemand anders begon over tokens en dat die zo duur schijnen te worden en dat we daar wel rekening mee moesten houden.
Allemaal totaal legitieme vragen en behoeften, maar het bleek me dat veel van deze vrije juristen, die in de regel ver vooruitlopen op het gemiddelde advocatenkantoor of de bedrijfsjuridische afdeling, niet zo goed wisten wat nou het verschil is tussen al die aanbieders. En al helemaal niet wat je zelf met een zakelijk Claude- of ChatGPT-account zou kunnen.
Is dat erg?
Nou, dat kun je je afvragen natuurlijk, maar ik denk wel dat het goed is als je iets meer een beeld hebt, omdat het je helpt kiezen wat je waarvoor gebruikt en waar je wel en niet in investeert. Dus probeer ik het even op een rij te zetten voor iedereen die daar iets aan heeft.
Kleine disclaimer vooraf: dit is een hoog-over-uitleg en ik ben zelf geen AI-techneut. Dus voel je vrij om aan te vullen of te verbeteren als je vindt dat ik de plank missla.
Zo is een veelvoorkomend misverstand nog steeds dat elke tool qua AI verschilt. Dat is niet zo. Onder de motorkap kun je bij vrijwel iedereen kiezen uit dezelfde ‘motoren’. Heel soms biedt men een speciaal zelf voor juridisch werk aangepast model aan. Dat doen slechts een paar internationale partijen, want het trainen van zo’n model is erg bewerkelijk en duur en het is twijfelachtig of dit echt significant bijdraagt aan betere output.
Het echte verschil wordt gemaakt door wat er om die ‘motor’ heen gebouwd is. En daarbij zie ik grofweg 4 categorieën.
Bronnen
De eerste categorie is een soort juridisch assistent. Je gebruikt ze via een chatvenster in je browser en ze zetten AI-taalmodellen vooral in om uit betrouwbare bronnen antwoorden te krijgen op je juridische vragen. Aanvankelijk vooral op basis van openbaar beschikbare bronnen, maar inmiddels bieden ook de grote uitgevers dit aan en kun je met hun tools in hun juridische literatuur zoeken. Vaak zitten er nog wat mogelijkheden omheen om documenten op te stellen, of dossiers te vormen, maar de kern zijn toch die bronnen en het feit dat je van je AI antwoorden krijgt uit betrouwbare bronnen. Zonder die bronnen als basis is de output van een AI-model namelijk niet goed bruikbaar, ook al brengen ze het wel heel overtuigend. Dat komt omdat een AI-taalmodel geen ingebouwde manier heeft om te checken of wat het zegt ook echt klopt, tenzij je het een brondocument geeft om de output aan te toetsen.
Werkprocessen
Dan heb je de tweede categorie. Die richt zich vooral op het verwerken en produceren van documenten en e-mails. Het zijn tools om je werk sneller en makkelijker te maken. Er zijn doorgaans ook de noodzakelijke juridische bronnen aan gekoppeld, maar de nadruk ligt op het faciliteren van (delen van) juridische werkprocessen. Onder de motorkap kun je vaak kiezen uit verschillende AI-taalmodellen en datasecurity is een belangrijk aspect waarop men zich probeert te onderscheiden.
Tegenwoordig zie je dat veel tools in deze categorie ook kunnen koppelen aan jullie eigen database en die als bron van clausules en know how kunnen gebruiken. Dat maakt de toegevoegde waarde van dit soort producten groter voor grote kantoren omdat deze over meer eigen data beschikken waaruit geput kan worden.
In deze categorie vind je ook de grote internationale systemen, zoals Harvey en Legora. Het verschil met onze lokale aanbieders zit vooral in breedte en schaal. Ze zijn gebouwd met honderden miljoenen tot miljarden aan kapitaal, voor de grootste kantoren ter wereld die complexe grensoverschrijdende deals doen. Ze ontwikkelen zich dan ook steeds meer tot een platform dat binnen die kantoren bijna al het werk faciliteert.
Algemene abonnementen
De derde categorie zijn de openbaar beschikbaare betaalde abonnementen op bijvoorbeeld ChatGPT of Claude. Ze zijn bruikbaar voor alle aspecten van je bedrijf. Onder de motorkap vind je dezelfde AI-modellen, hoewel je hier natuurlijk wel altijd de nieuwste van de nieuwste krijgt. Bovendien is hier ook een softwarematige schil omheen gebouwd die, om in autotermen te blijven, als een soort chassis fungeert. Je kunt er hetzelfde en vaak meer mee dan met de legal AI-tools, maar je moet zelf de bronnen toevoegen en zelf de workflows inregelen. Je krijgt als het ware een F1-auto voor een prikkie, maar je moet die wel nog helemaal op jouw wensen en behoeften afstellen. Dat kan iedereen leren, maar je moet er wel tijd en energie in steken. Bovendien moet je zelf zorgen voor de juridische bronnen, aandacht besteden aan de datasecurity-instellingen en sommige stukken anonimiseren voor je ze kunt verwerken.
Ecosysteem
Als vierde, een categorie die ik een jaar geleden denk ik niet genoemd zou hebben omdat je er als jurist niet heel veel mee kon. Dat is inmiddels anders. Ik heb het over Google Gemini Enterprise en (in onze sector dominant aanwezig) Microsoft Copilot. Ze draaien bovenop de al bestaande kantoorsystemen en -data die iedereen in de organisatie al gebruikt, binnen bestaande beveiligde omgevingen en rechtenstructuren. Ze bieden keuze uit verschillende AI-modellen en faciliteren het bouwen van AI-powered workflows voor elk bedrijfsproces en dus ook voor juridische afdelingen. Net als bij categorie 3 moet je alle juridische inhoud en werkwijzen nog toevoegen, maar er hoeven dus niet allerlei nieuwe tools ingekocht te worden.
Ok, tot zover deze kleine breakdown.
Nu verwacht je misschien dat ik je ga vertellen wat de beste keuze is, maar in alle eerlijkheid, dat kan ik niet. Ik ken veel ondernemers in deze business en dat zijn allemaal supergedreven topprofessionals die hun hele ziel en zaligheid stoppen in wat ze aanbieden, maar ‘de beste tool’ is er niet. Het is helemaal afhankelijk van jou en je praktijk wat het beste past.
Dat gezegd hebbend, voor alle grote organisaties verwacht ik dat het antwoord steeds vaker Microsoft Copilot zal zijn, waardoor de legal AI-inkoopvraag verschuift van “welke tool kopen we” naar “wie bouwt de legal workflows in onze eigen Microsoft-omgeving”. Als netwerk kiezen we vooralsnog voor een gezamenlijk Claude Team-account waarin leden hun eigen workflows en skills bouwen en die uiteraard met elkaar kunnen delen. Maar we gaan voor een maandabonnement, want deze race is echt nog niet gelopen








