De Raad voor Rechtsbijstand scherpt per 1 januari 2026 de deskundigheidseisen voor civiel jeugdrechtadvocaten aan. Vanaf 2027 wordt bovendien een nieuwe basisopleiding verplicht, gericht op de bestuursrechtelijke en civielrechtelijke aspecten van het jeugdrecht.
Strengere opleidingseisen en praktijkervaring
Na overleg met de Nederlandse orde van advocaten (NOvA) voert de Raad voor Rechtsbijstand per 1 januari 2026 wijzigingen door in de deskundigheidseisen binnen het civiele jeugdrecht. Advocaten die zich in 2026 willen inschrijven voor de specialisatie civiel jeugdrecht, moeten voortaan 12 opleidingspunten behalen op dit terrein, in plaats van de huidige 8 punten civiel jeugdrecht en 4 punten jeugdstrafrecht.
Vanaf 2027 geldt voor nieuwe inschrijvingen een verplichte basisopleiding civiel jeugdrecht van 20 opleidingspunten. De Raad stelt begin 2026 een werkgroep in om een breed gedragen curriculum te ontwikkelen. Deze opleiding zal onder meer aandacht besteden aan het bijstaan van ouders bij uithuisplaatsingen, ondertoezichtstellingen en gezagsbeëindigende maatregelen, evenals aan de bestuursrechtelijke component van het civiel jeugdrecht.
Daarnaast wordt praktijkervaring een belangrijker toelatingseis: aankomende specialisten moeten drie civiel jeugdrechtzaken hebben meegelopen met een ervaren advocaat. De verplichting om één jeugdstrafzaak bij te wonen vervalt.
Nieuwe regels voor toevoegingen en overgangsregeling
Vanaf 2027 kunnen alleen advocaten met de specialisatie civiel jeugdrecht toevoegingen ontvangen voor ondertoezichtstellingen, uithuisplaatsingen en gezagsbeëindigende maatregelen. Advocaten die uitsluitend staan ingeschreven voor personen- en familierecht komen hiervoor dan niet meer in aanmerking.
Er komt een overgangsregeling voor advocaten die nog niet zijn gespecialiseerd, maar de afgelopen jaren substantiële ervaring hebben opgebouwd. Zij kunnen automatisch of op aanvraag worden ingeschreven, afhankelijk van het aantal behandelde zaken met de relevante zaakcodes.
Ook bij gesloten jeugdzorgzaken verandert de toegang: vanaf februari 2026 kunnen advocaten ervoor kiezen of zij toevoegingen voor plaatsingen in gesloten jeugdzorg willen ontvangen.
De Raad motiveert de wijzigingen met drie ontwikkelingen: de beperkte invoering van gecombineerde straf- en civiele zittingen, de groeiende bestuursrechtelijke invloed binnen het jeugdrecht, en de afbouw van gesloten jeugdzorg.




