Het kabinet wil dat slachtoffers van meer ernstige geweldsdelicten recht krijgen op een volledig voorschot van de Staat als de dader niet betaalt. Een wijziging van het Besluit tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen breidt de huidige regeling daarom uit.
Slachtoffers die in het strafproces een schadevergoedingsmaatregel toegewezen krijgen, kunnen een beroep doen op de zogenoemde voorschotregeling. Wanneer een veroordeelde binnen acht maanden na het onherroepelijk worden van het vonnis niet (volledig) betaalt, keert de Staat het resterende bedrag uit aan het slachtoffer. De Staat zet vervolgens de inning voort op de dader. Voor de meeste delicten geldt daarbij een maximum van € 5.000. Voor seksuele misdrijven en een aantal geweldsmisdrijven geldt geen bovengrens.
Met de concept-regeling van staatssecretaris Rutte van Justitie en Veiligheid wordt die ongemaximeerde voorschotregeling uitgebreid. Aan de limitatieve opsomming van artikel 4:14, tweede lid, van het Besluit worden onder meer brandstichting (artikel 157 Sr), wederrechtelijke vrijheidsberoving (artikel 282 Sr), gijzeling (artikelen 282a en 282b Sr), dwang (artikel 284 Sr), dood door schuld (artikel 307 Sr) en dood of lichamelijk letsel door schuld in het verkeer (artikel 6 WVW 1994) toegevoegd .
Schrijnende situaties
Aanleiding voor de uitbreiding zijn signalen uit de praktijk en vanuit de Tweede Kamer dat een aantal ingrijpende delicten niet onder de ongemaximeerde regeling viel. Dat leidde tot schrijnende situaties, bijvoorbeeld bij brandstichting met dodelijke afloop. Slachtoffers kregen in zulke gevallen slechts maximaal € 5.000 uitgekeerd, ook als de toegewezen schadevergoeding aanzienlijk hoger lag.
Het uitgangspunt blijft dat de ongemaximeerde regeling is voorbehouden aan seksuele misdrijven en geweldsmisdrijven. Onder geweldsmisdrijven worden misdrijven verstaan die gericht zijn tegen of gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen . Met de uitbreiding worden met name opzettelijke geweldsdelicten toegevoegd, aangevuld met twee specifieke schulddelicten vanwege de grote impact op slachtoffers en nabestaanden.
Financiële risico’s en uitvoerbaarheid
De uitbreiding betekent dat de Staat vaker hogere voorschotten zal uitkeren. Het financiële risico neemt toe wanneer daders geen verhaal bieden, omdat de vordering op hen niet altijd volledig kan worden geïnd . Tegelijkertijd wordt beoogd de positie van slachtoffers in het strafproces te versterken en onnodig extra leed door uitblijvende betalingen te voorkomen.






