Vanaf deze zomer krijgt FIU-Nederland de wettelijke bevoegdheid om bepaalde financiële transacties tijdelijk stil te zetten. Hiermee wil de opsporingsdienst voorkomen dat crimineel geld verdwijnt en internationale witwasbestrijding versterken.
Tijdelijke blokkade bij verdachte transacties
Vanaf 1 juli 2026 treedt artikel 17a van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) in werking. Daarmee kan FIU-Nederland meldingsplichtige instellingen – zoals banken, cryptodienstverleners, betaaldienstaanbieders én notariskantoren – verzoeken een transactie tijdelijk niet uit te voeren. Zij zijn verplicht dit verzoek onmiddellijk op te volgen. De maatregel geldt maximaal vijf werkdagen, of tien dagen als het verzoek afkomstig is van een buitenlandse Financial Intelligence Unit.
Tijdens deze periode onderzoekt FIU-Nederland of de transactie verband houdt met witwassen, onderliggende misdrijven of terrorismefinanciering. Na afloop moet de blokkade worden opgeheven, tenzij justitiële autoriteiten in de tussentijd beslag leggen. De bevoegdheid wordt ingezet wanneer er sterke aanwijzingen van criminele activiteiten zijn en de proportionaliteit gewaarborgd is.
Meer internationale samenwerking
Volgens FIU-Nederland sluit de nieuwe bevoegdheid aan bij internationale praktijk: veel buitenlandse FIU’s hebben al langer een vergelijkbare mogelijkheid. Dankzij de Nederlandse opschortingsbevoegdheid kan ook een buitenlands verzoek – bijvoorbeeld voor een rekening bij een Nederlandse bank – snel worden uitgevoerd. Zo wordt voorkomen dat geldsporen verloren gaan voordat verder onderzoek plaatsvindt.
Ook op Europees niveau komt een vergelijkbare bevoegdheid. In het zogeheten Europese Anti Money Laundering-pakket (dat naar verwachting medio 2027 in werking treedt) krijgen FIU’s in alle lidstaten een uniforme opschortingsmogelijkheid, met een iets ruimere reikwijdte dan de nationale variant.
Aansprakelijkheid en praktische gevolgen
Wanneer instellingen aan een verzoek tot opschorting voldoen, zijn zij niet aansprakelijk voor eventuele schade die klanten hierdoor lijden. Als betalingen al zijn uitgevoerd, moeten instellingen – voor zover saldo aanwezig is – een tegoed ter grootte van de betrokken transactie blokkeren. Het informeren van de cliënt over de opschorting is toegestaan en valt niet onder het zogenoemde tipping-offverbod.
Met de nieuwe bevoegdheid krijgt FIU-Nederland meer tijd en ruimte om snel in te grijpen bij vermoedens van witwassen of terrorismefinanciering, zonder dat het betalingsverkeer structureel wordt belemmerd.






