Uit onderzoek van Trouw blijkt dat kinderrechters steeds vaker rekening houden met het tekort aan jeugdbeschermers bij beslissingen over gedwongen jeugdzorg. Daardoor worden ondertoezichtstellingen in sommige gevallen niet opgelegd of verlengd.
Voor het onderzoek doorzocht Trouw op Rechtspraak.nl gepubliceerde uitspraken van kinderrechters uit de periode 2023 tot en met 2025. Daarbij werd gezocht op combinaties van trefwoorden als ‘geen (vaste) jeugdbeschermer’, ‘afwijzing verlenging ondertoezichtstelling’ en ‘afwijzen verzoek’. Alleen zaken waarin rechters het ontbreken van een vaste jeugdbeschermer expliciet meenamen in hun beoordeling van de zaak, werden meegeteld. Volgens Trouw kwamen in ruim 7000 gepubliceerde uitspraken de term ‘ondertoezichtstelling’ voor.
Uit het onderzoek blijkt dat rechters in zeker zestien zaken het personeelstekort hebben meegewogen bij hun beslissing. In vijf zaken werd geen ondertoezichtstelling opgelegd en in elf zaken werd een bestaande maatregel niet verlengd. Volgens Trouw zijn de daadwerkelijke aantallen mogelijk hoger, omdat slechts een beperkt deel van alle rechterlijke uitspraken openbaar beschikbaar wordt gemaakt.
Tekort maakt juridische afweging complexer
De zaken draaien om gezinnen waarin deskundigen ernstige zorgen hebben over de veiligheid of ontwikkeling van een kind. Een rechter kan in zulke situaties besluiten tot een ondertoezichtstelling. Een jeugdbeschermer houdt dan toezicht op het gezin, organiseert hulpverlening of begeleidt in sommige gevallen een uithuisplaatsing.
Binnen de jeugdbescherming geldt dat gezinnen binnen vijf dagen na een rechterlijke beslissing een vaste jeugdbeschermer moeten krijgen. In de praktijk duurt dat volgens Trouw soms maanden. In de tussentijd houden andere medewerkers beperkt toezicht.
Kinderrechter Susanne Tempel bevestigt tegenover Trouw dat rechters noodgedwongen rekening houden met het gebrek aan capaciteit. Volgens haar wordt een toch al complexe afweging daardoor nog ingewikkelder. Wel benadrukt zij dat een absoluut noodzakelijke ondertoezichtstelling niet wordt afgewezen vanwege het tekort aan personeel. Dat speelt vooral bij zogenoemde grensgevallen.
‘Duivels dilemma’ voor rechters
Hoogleraar jeugdrecht Mariëlle Bruning noemt de situatie tegenover Trouw een “duivels dilemma”. Rechters krijgen zaken voorgelegd waarin ernstige zorgen bestaan over een kind, maar moeten tegelijkertijd rekening houden met de vraag of opgelegde maatregelen uitvoerbaar zijn.
Ook brancheorganisatie Jeugdzorg Nederland erkent dat rechters idealiter uitsluitend inhoudelijk zouden moeten kunnen beslissen. Tegelijkertijd vindt de organisatie het begrijpelijk dat het personeelstekort wordt meegewogen, omdat gezinnen schade kunnen oplopen wanneer hulp wordt toegezegd die vervolgens niet beschikbaar blijkt.







