Negen onderzochte scheidingsadvocaten voldeden geen van allen aan de geldende beroepsnormen. Het dekenberaad concludeert dat de rol van de advocaat bij scheidingen is verworden tot een formaliteit, met soms grote gevolgen voor de scheidende partijen.
Ruim vijftigduizend mensen scheiden jaarlijks in Nederland. Veel van hen doen dat via een mediator, die een convenant opstelt met afspraken over geld, kinderen en alimentatie. Wat velen niet weten, is dat aan het einde van het traject altijd een advocaat nodig is om de echtscheiding in te dienen bij de rechtbank. Juist bij die zogeheten afhechtingsadvocaten gaat het structureel mis, zo schrijft Trouw.
Het dekenberaad, de toezichthouder op advocaten, selecteerde negen scheidingsadvocaten verspreid over het land van wie bekend was dat zij bovengemiddeld veel scheidingszaken behandelen. Tot grote schok van deken Eef van de Wiel bleek geen van hen te voldoen aan de geldende standaarden. Sommigen behandelden tot tweeduizend echtscheidingen per jaar, een aantallen waarbij zorgvuldige behandeling onmogelijk is. Na het onderzoek zijn enkele advocaten zelf gestopt, anderen zijn door de tuchtrechter geschorst of zelfs geschrapt.
Rol verschoven naar formaliteit
Volgens Van de Wiel is de rol van de advocaat in de praktijk te veel verschoven naar een administratieve afhandeling. Een advocaat is wettelijk verplicht het convenant te controleren, de cliënt te informeren over risico’s en zich ervan te vergewissen dat de cliënt de consequenties van de gemaakte afspraken begrijpt. In de onderzochte gevallen werd vaak zelfs geen contact opgenomen met de cliënt.
Aanleiding voor het onderzoek was onder meer de zaak van fotograaf Kim Stellingwerf uit Hoogeveen. In een kwetsbare toestand deed zij onbewust afstand van bezittingen en alimentatie waar zij recht op had. Haar advocaat diende het convenant in zonder in te grijpen. Stellingwerf wist zelfs niet dat er een advocaat bij haar zaak betrokken was geweest.
Met zijn vieren aan tafel
Van de Wiel pleit voor een structurele oplossing: advocaten moeten niet pas aan het einde worden ingeschakeld, maar al tijdens de mediation aan tafel zitten. Zo kunnen zij de sfeer proeven, de machtsverhoudingen inschatten en tijdig ingrijpen wanneer dat nodig is. Volgens de deken is er sprake van een systeemfout die vraagt om een aanpassing van de werkwijze in de hele sector.





