Een breed WODC-onderzoek naar de toegang tot en kwaliteit van het notarisberoep laat zien dat vooral het notaris-ondernemerschap onder druk staat. De onderzoekers pleiten voor ingrepen in wetgeving, digitalisering en arbeidsvoorwaarden om het notariaat toekomstbestendig te maken.
Deel II van het WODC-onderzoek Staat van het Notariaat richt zich op de aanbodzijde van de notariele dienstverlening, met speciale aandacht voor kandidaat-notarissen, toegevoegd notarissen en notaris-ondernemers. Hoewel het totaal aantal notarissen en notarieel medewerkers de afgelopen jaren is gestegen, neemt het aantal notaris-ondernemers en kantoorvestigingen af en vergrijst deze groep sterk. In sommige regio’s buiten de Randstad wordt opvolging van (kleine) kantoren steeds lastiger, wat de continuïteit van het aanbod onder druk zet.
Werkdruk, poortwachtersrol en aantrekkelijkheid
Het rapport schetst een beroep dat inhoudelijk en maatschappelijk zeer aantrekkelijk blijft, maar steeds minder aantrekkelijk wordt om in uit te houden. Notarissen en studenten waarderen vooral de vakinhoud en de publieke rol, maar noemen hoge werkdruk, administratieve lasten, tuchtrechtelijke risico’s en de zwaardere poortwachtersrol als belangrijke minpunten. De poortwachtersrol bij de bestrijding van witwassen en fraude zorgt volgens de beroepsgroep voor forse extra tijdsinvestering, regeldruk en onzekerheid over de effectiviteit, mede doordat cliënten tussen notarissen kunnen shoppen en geheimhouding uitwisseling van signalen belemmert.
Ook arbeidsvoorwaarden spelen een grote rol: respondenten signaleren een ongezonde werk‑privébalans, relatief lage beloning, weinig flexibiliteit en het ontbreken van een cao. Het ondernemerschap wordt door veel kandidaat- en toegevoegd notarissen als weinig aantrekkelijk ervaren, onder meer vanwege aansprakelijkheidsrisico’s, werkdruk, financiële risico’s (zoals goodwill) en krapte op de arbeidsmarkt.
Digitalisering en aanbevelingen voor modernisering Wna
Digitalisering wordt door de onderzoekers gezien als sleutel om met minder notarissen de maatschappelijke vraag te kunnen blijven bedienen. De digitale infrastructuur van de KNB wordt door ketenpartners positief beoordeeld, maar notarissen verschillen sterk in de mate waarin zij digitalisering in hun praktijk doorvoeren en missen een duidelijke sectorbrede visie. Er is draagvlak voor verder digitaal werken, bijvoorbeeld bij standaardakten buiten het familierecht, mits de mogelijkheid tot fysiek contact met de notaris behouden blijft.
In de conclusies spreken de onderzoekers hun zorg uit over de toekomstige beschikbaarheid van notaris‑ondernemers en de aanhoudende groei van de vraag, onder meer door vergrijzing, complexere gezinsvormen en de ontwikkeling van een sociaal notariaat. Zij formuleren zes aanbevelingen, waaronder: investeren in modern werkgeverschap en betere arbeidsvoorwaarden, verlagen van de werkdruk (mede via digitalisering), herbezinning op de poortwachtersrol, heroverweging van de benamingen kandidaat- en toegevoegd notaris, betere voorlichting en klachtbehandeling rond tuchtrecht, en het herzien van toelatingsdrempels en -procedures in de Wna. Deze voorstellen moeten het notariaat aantrekkelijker en productiever maken en vragen om een modernisering van de Wet op het notarisambt.






