Aan de Vrije Universiteit Amsterdam wordt geëxperimenteerd met een holografische AI-jurist die studenten laat discussiëren over klassieke juridische vraagstukken uit de rechtsgeschiedenis. De proef moet inzicht geven in de mogelijkheden en beperkingen van kunstmatige intelligentie in het juridisch onderwijs.
De Vrije Universiteit Amsterdam is gestart met een onderwijsproef waarbij rechtenstudenten in gesprek kunnen gaan met een holografische AI-jurist, zo blijkt uit berichtgeving van universiteitsblad Ad Valvas. Het gaat om Lex Frisius, een digitaal nagebootste rechtsgeleerde uit de achttiende eeuw, die in hologramvorm wordt ingezet binnen het vak Europese rechtsgeschiedenis: van archieven tot AI. De test maakt deel uit van een bredere verkenning naar de inzet van kunstmatige intelligentie binnen het universitaire onderwijs.
Het hologram is ontwikkeld op basis van historische bronnen, juridische teksten en lesmateriaal uit de betreffende periode. Lex Frisius is in staat om vragen te beantwoorden en standpunten te verwoorden die aansluiten bij het juridische denken van zijn tijd. Tijdens werkgroepen kunnen studenten met het hologram in discussie gaan over thema’s als rechtvaardigheid, staatsmacht en rechtsontwikkeling. Daarmee wil de universiteit het onderwijs interactiever maken dan bij traditionele hoorcolleges over rechtsgeschiedenis.
Interactie als aanvulling op klassiek onderwijs
Volgens de betrokken docenten is het hologram nadrukkelijk bedoeld als aanvulling op het bestaande onderwijs en niet als vervanging van de docent. De inzet van AI moet studenten prikkelen om actiever deel te nemen aan het onderwijs en om historische rechtsfiguren niet alleen als theorie, maar ook als gesprekspartner te benaderen. De docent blijft daarbij verantwoordelijk voor de inhoudelijke duiding en het begeleiden van de discussie.
Tegelijkertijd wordt in de proef zichtbaar dat de technologie duidelijke grenzen kent. Het hologram kan uitsluitend antwoorden formuleren op basis van vooraf ingevoerde kennis en herkent niet altijd nuances in complex geformuleerde vragen. Ook verloopt de interactie niet altijd vloeiend. Juist deze beperkingen vormen volgens de universiteit een belangrijk leerpunt: studenten leren kritisch reflecteren op de betrouwbaarheid en toepasbaarheid van AI-systemen in een juridische context.
Kritisch leren omgaan met AI
De VU ziet de proef als onderdeel van een bredere academische verantwoordelijkheid om studenten voor te bereiden op een juridische praktijk waarin kunstmatige intelligentie een steeds grotere rol speelt. Door AI expliciet zichtbaar en bespreekbaar te maken in het onderwijs, leren studenten niet alleen hoe technologie kan ondersteunen, maar ook waar menselijke interpretatie, context en afweging onmisbaar blijven.
Of het hologram op grotere schaal zal worden ingezet, is nog niet duidelijk. De universiteit gebruikt de resultaten van de proef om te beoordelen welke onderwijsvormen daadwerkelijk bijdragen aan begrip en verdieping. Voorlopig staat vooral het stimuleren van het debat over AI, recht en onderwijs centraal.






