De rechtbank Den Haag oordeelt dat het accreditatiesysteem uit de persrichtlijn 2025 in strijd is met het recht. Volgens de rechtbank leidt het systeem tot een ongerechtvaardigd onderscheid tussen journalisten bij de toegang tot gerechtsgebouwen en zittingen.
De rechtbank Den Haag heeft bepaald dat het accreditatiesysteem uit de persrichtlijn 2025 van de gerechten onrechtmatig en onverbindend is. De zaak was aangespannen door de Vereniging voor Vrije Journalisten (VVJ) en twee onafhankelijke journalisten. Zij stelden dat het systeem een ongerechtvaardigd onderscheid maakt tussen journalisten met en zonder accreditatie.
De persrichtlijn 2025 trad op 1 juni 2025 in werking en bevat regels over de toegang van journalisten tot gerechtsgebouwen en zittingen. Journalisten konden via een accreditatieprocedure een perspas aanvragen waarmee zij eenvoudiger toegang kregen tot rechtbanken. Zonder accreditatie moesten journalisten zich telkens afzonderlijk aanmelden en identificeren.
Onderscheid tussen journalisten onvoldoende onderbouwd
Volgens de rechtbank leidt het systeem tot ongelijke behandeling van journalisten. Daarbij wijst de rechtbank op het belang van de vrijheid van nieuwsgaring en persvrijheid. Een onderscheid tussen groepen journalisten is alleen toegestaan wanneer daarvoor een objectieve en redelijke rechtvaardiging bestaat.
De rechtbank oordeelt dat die rechtvaardiging ontbreekt. Niet is voldoende onderbouwd waarom uitsluitend geaccrediteerde journalisten structureel eenvoudiger toegang zouden moeten krijgen tot gerechtsgebouwen en zittingen. Volgens de rechtbank kunnen ook niet-geaccrediteerde journalisten professioneel werkzaam zijn en verslag doen van rechtszaken.
Daarnaast acht de rechtbank van belang dat de accreditatieprocedure onvoldoende duidelijk en transparant is. De criteria voor het verkrijgen van accreditatie zijn volgens het vonnis niet nauwkeurig genoeg omschreven. Daardoor is onvoldoende duidelijk op welke gronden een aanvraag kan worden toegekend of afgewezen.
Deel van persrichtlijn buiten toepassing
De rechtbank verklaart het accreditatiesysteem daarom onverbindend. Dat betekent dat dit onderdeel van de persrichtlijn 2025 niet mag worden toegepast. Andere onderdelen van de richtlijn blijven wel van kracht.
Volgens de rechtbank mogen gerechten maatregelen nemen om orde en veiligheid in gerechtsgebouwen te waarborgen. Zulke maatregelen moeten wel verenigbaar zijn met fundamentele rechten, waaronder de vrijheid van pers en nieuwsgaring.
Met de uitspraak vervalt voorlopig het onderscheid tussen geaccrediteerde en niet-geaccrediteerde journalisten bij de toegang tot rechtbanken en zittingen.







